Marine Signalstelle

De Marine Signalstelle (M.S.S.) Hoek van Holland bevond zich op de seinpost en viel onder de Marine-Nachrichtenoffizier (M.N.O.) Den Haag. De dienst M.N.O. in de Hoek was verantwoordelijk voor de radio- en telegrafische communicatie tussen schepen en de wal, en voor de signalisatie.
Het personeel van de M.S.S. stond onder leiding van een onderofficier in de rang van Stabsfunkmeister. Hij rapporteerde aan Den Haag, maar was feitelijk in dienst van de Hafenkommandant (Hako) Hoek van Holland. De Hako was ‘verantwoordelijk voor het scheepvaartsverkeer en de havenfaciliteiten in de monding en het westelijk deel van de Nieuwe Waterweg tot aan Poortershaven’.¹

Tot de andere verantwoordelijkheden van de Signalstelle behoorde het observeren van in de Waterweg gedropte mijnen, en in het geval men dit niet had gezien en een schip op een mijn liep, het waarschuwen van reddingsboten, sleepboten en eventueel ambulances.
Werd de Waterweg gesloten vanwege mijnengevaar dan zorgde de Stelle voor een ´Hafensperrsignal´. En mochten er verdachte personen in een bootje gespot worden, dan werd door de Hako een zoektocht via de Stelle georganiseerd.

Bij gevechten kon de M.S.S. via lichtkogels diverse signalen afgeven. In de Kampfanweisung staat bijvoorbeeld: als een enkele persoon of een groep, of zelfs Widerstandsnesten of Stützpunkten omsingeld is en/of vuursteun nodig heeft, geven zij een signaal af dat betekend: ‘Hier zijn wij!’. De M.S.S. moest dan d.m.v. een witte lichtkogel te kennen geven dat men het gezien had, waarna verdere actie ondernomen kon worden.

Ook beloodsing van schepen ging via de Hafenkommandant en de Signalstelle. Het is zeer waarschijnlijk dat de seinpost niet gebruikt werd zoals dat voor de oorlog werd gedaan, nl. het aangeven van windkracht en waterstanden door middel van driehoekige en cirkelvormige borden. Na-oorlogse foto’s laten zien dat het seinraam verwijderd is. Alle schepen die in de oorlog door de Waterweg voeren hadden hun eigen informatievoorziening. Zij waren allemaal militair of daaraan verbonden, zoals bijvoorbeeld Schnellbooten, Hafenschutzbooten, Minensuchbooten, slepers, en vrachtschepen  in de konvooien. Deze laatsten hadden altijd iemand van de Kriegsmarine aan boord.

De Signalstelle had ook de zorg voor  het electronisch navigatiemiddel ‘Funkfeuer Maas’, een morse-radiobaken dat op het lichtschip ‘Maas’ zat. Dit schip lag in de Berghaven. Het werd o.a. gebruik door Schnellboote die bij de Engelse kust opereerden. Op een gegeven moment is dit baken in het fort geplaatst.

Als de bezetter begint met de bouw van de Atlantikwall wordt ook de Signalstelle verbunkerd.  Er wordt een Regelbau V214, Kleine Marine-Signalstelle gebouwd.

Rechts de oude seinpost zonder seinraam, links de V214 Foto Stichting Fort aan den Hoek van Holland

De letter V in V214 staat voor ‘Versorgungsstände’. Onder deze noemer vielen bunkers met ondersteunende functies zoals communicatie, verpleging en bevelvoering. Ook betekent de V dat de bunker van de Duitse Marine was.

 

De V 214 was gebouwd in Baustärke ‘B’, wat inhoud dat de muren 2 meter dik waren. Hij bestond uit drie verdiepingen.

Op de onderste verdieping was naast de ingang een ruimte voor een mitrailleur voor de nabijverdediging, en een verblijf voor manschappen.  Op de derde verdieping was een ruimte met kijksleuven die ook als schietsleuven voor een mitrailleur konden dienen. De bovenste verdieping was een zgn. beobachtungsraum, een observatieruimte.
In Nederland zijn maar 2 van deze bunkers gebouwd, de andere staat in IJmuiden.

De M.S.S. maakt deel uit van W.N. 18 H.M. (voor uitleg hierover zie: https://hvhwo2.wordpress.com/de-atlantikwall/).

W.N. 18 bestond, behalve de V214 van de Signalstelle, nog uit een 622 Doppelgruppenunterstand (een manschappenbunker voor 20 man) voor de mannen van de Wetterwarte,  het weerstation, ten dienste van de Hako. Zij gingen al op 23 mei 1940 aan het werk. In het Kriegstagebuch van de Hako wordt vermeldt dat de wind die dag kracht 3 heeft en dat het nevelig is.
Tevens stond er een 625 Schartenstand für 7,5 cm PAK 40, een gevechtsbunker voor een anti-tankkanon van 7,5 cm.

Er waren diverse bunkerbouwprogramma’s: tijdens het 1e bunkerbouwprogramma, het Winterausbauprogramm dat van oktober 1942 t/m april 1943 liep, wordt de 622 wetterwarte  gebouwd. Tenminste, in documenten van de Organisation Todt die in het NIOD liggen, van 1 maart 1943, staat deze gepland. Maar waar de begindatum, de datum dat de bouwput klaar zou zijn én de einddatum zouden moeten staan, staan streepjes:

De 622 heeft als bouwnummer 1432, in het Baupunkt 14c.

 

 

 

 

 

 

Tijdens het 2e bouwprogramma, het Schartenbauprogramm (dit liep van oktober 1943 t/m april 1944), worden de V214 en de 625 gebouwd. In dit programma werden vooral veel geschutsbunkers gebouwd.

Er was ook een Tobruk aanwezig, deze lag ongeveer tussen de seinpost en de 625. Een ‘Tobrukstände’, ook wel ‘offener Ringstände’, dankt zijn naam aan de stad Tobruk in Libië. Het is een mitrailleurbunkertje, net groot genoeg voor 1 man en bedoeld voor nabijverdediging. En als laatste was er een V.f. gebouwd, een Verstärkt feldmässiger Ausbau, aan het begin van de pier. V.f.-jes waren gebouwd van dunwandig beton, óf opgetrokken uit steen en werden gebruikt als slaapplaats of keuken enz.
Waar deze V.f. voor diende is niet duidelijk. 

De (weggezakte) Tobruk is links onder de seinpost te zien. Ook de kijksleuven in de bunker zijn goed zichtbaar.

Volgens de Kampfanweisung van 1944 waren er in het W.N. gelegerd 1 officier, 13 onderofficieren en 34 manschappen. De soldaten van de landmacht waren van het 723e Grenadier regiment.
Er was 1 machinegeweer aanwezig (waarschijnlijk een MG 42) en een 4,7 cm Pak kanon. Daarnaast waren er aan handwapens aanwezig 50 geweren (de Mauser 98), 12 pistolen, 2 machinepistolen (de Schmeisser), 8 leucht-pistole (seinpistolen voor lichtkogels) en 900 handgranaten. Tevens was er een schijnwerper van 30 cm.

De opdracht voor W.N. 18 in geval van een aanval op de Festung luidde : samen met W.N. 17 H (de 611 bunker op de pier, waar nu het Atlantikwallmuseum in zit) het afslaan van vijandelijke aanvallen vanuit zee, land en vanuit de lucht. Er moest in het Wn standgehouden worden tot de laatste man en de laatste kogel.  Daarnaast moesten zij Stp III (Vineta plus de Markostand) en Stp IV ( Flakbatterie Nordmole) met dmv infanteriesteun verdedigen, en de Nieuwe Waterweg, de havenmonding, de Signalstelle en de Wetterwarte beveiligen.


In de loop der jaren is de seinpost veranderd in een verkeerscentrale, waardoor de bunker onder allerlei aan- en uitbouw verdwenen is.
In 2012 werd de verkeerscentrale verbouwd en kwam de bunker weer even tevoorschijn. De sleuven zijn dichtgemetseld.

_MG_8876a _MG_8883a

Tegenwoordig kun je nog een klein stukje van de bunker aan de buitenkant zien, dit herken je doordat je in het beton de afdruk van de bekisting kunt zien. Een bunker werd opgebouwd door middel van een skelet van betonijzer. De deuren en andere stalen delen werden hierin vastgemaakt. Was alles klaar, dan werd er een houten bekisting  omheen gezet en werd het beton erin gegoten.

De bekisting van de bunker is nog duidelijk te zien.

De afdruk van de bekisting van de bunker is nog duidelijk te zien.

De 622 lag in het Voorduin en is in de jaren ’50 gedeeltelijk gesloopt. In 2008 is de rest, dat onder grond zat, ook weggehaald. De 625 ligt er nog, daar staan nu de verrekijkers op, naast het Expocentrum.

De restanten van de 622 Wetterwarte in het Voorduin in 2008

De restanten van de 622 Wetterwarte in het Voorduin in 2008

De tobruk is weg, De V.f. is er nog, hier staat de friettent van Raspatat tegen aan.


Bronnen:

Kampfanweisung für die Festung Hoek van Holland
KTB Hafenkommandantur
Hans Sakkers, Festung Hoek van Holland-Een Parel van de Atlantikwall aan de Nieuwe Waterweg 1942-1945
Rudi Rolf, Der Atlantikwall-die Bauten der deutschen Küstenbefestigungen 1940-1945
ir. H.F. Ambachtsheer, Van Verdediging naar Bescherming-de Atlantikwall in Den Haag
Jac. J. Baart, Seinpost met Dubbele Bodem, artikel in Rotterdam Branch Magazine, mei 2015

¹Hans Sakkers- Festung Hoek van Holland, blz 61.

 

Zie ook: Een bunker op een theelepeltje